Wies neemt een besluit


Dit is een gastcolumn van Wies

Mijn naam is Wies (pseudoniem). Ik schrijf graag korte verhalen. Deze verhalen gaan onder andere over Wies en Jop, dit zijn fictieve personages. Eigenlijk gaan de verhalen over mijn narcistische ex-partner en mijzelf.

Het helpt mij om op deze wijze mijn verhaal te vertellen en van me af te schrijven. Ik heb gedurende zeven en een half jaar een relatie en huwelijk gehad met Jop. Er is veel gebeurd in die tijd. Het heeft me veranderd en nu een paar jaar later, brengt het me steeds dichter bij mezelf. Ik hoop dat het lezen van mijn geschiedenis herkenning geeft en hoop. En misschien zelfs vertrouwen, dat het kan om de regie terug te pakken en te veranderen.


De deur knalt met een enorme klap in het slot.

Jop beent met grote stappen het tuinpad af, hij gooit zijn rugzak over zijn schouder, kijkt niet meer om en stampt weg. Een lange tak van de vlinderstruik zwiept venijnig heen en weer. De regen druipt er vanaf en valt op het smalle pad.

Binnen achter de deur laat Wies zich langzaam op de deurmat zakken. De smak van de deur heeft haar enigszins verdoofd. Het toch al belabberd opgehangen fotolijstje is met het dichtslaan van de deur van de muur gekomen. De vloer ligt bezaaid met glasscherven. Wies staart er bewegingsloos naar. De foto in het lijstje ligt los tussen de scherven. Op de foto staat een gelukkig stel, Jop en Wies in betere tijden op een prachtige zeilboot omringd door een azuur blauwe zee. Met in de hand een glas witte wijn, de brandende zon op hun huid. Het geluk spat er vanaf.

De realiteit is anders. Wies zit nog op de deurmat, tranen rollen over haar wangen. Eigenlijk zou ze op moeten staan om de scherven op te vegen, haar tranen te drogen, diep adem te halen en weer door te gaan.

Maar het lukt niet. Er is iets geknakt, voorgoed. Ze voelt dat aan iedere vezel in haar lijf. De zoveelste woede-uitbarsting van Jop, zijn boze stem en scherpe tong. Het is teveel. Incasseren heeft blijkbaar zijn grenzen. Gisterenavond was het al begonnen. De gemene, kritische en felle blik in de ogen van Jop stonden klaar om te vuren. Het was niet de vraag of maar wanneer de eerste kogels zouden worden gelanceerd. Het was steeds weer iets anders waar het om draaide. Nooit was er van te voren vast te stellen waar de ruzie over zou gaan, hij kwam uit een duistere hoek, ingevlogen door de duivel, die steeds vaker bezit nam van Jop.

Wies raapt de moed en zichzelf weer bij elkaar en komt voorzichtig overeind. Haar lijf doet zeer. Ze sleept zichzelf naar de dichtstbijzijnde keukenstoel en ploft neer. Om haar heen de resten van het ontbijt, een halfdode plant in de hoek, een volle vaatwasser en een jankende kat. Het brengt Wies terug in de realiteit. De kat is altijd om haar heen, haar beschermengel. Een goede reden om op te staan en in beweging te komen. Wies geeft Beertje zijn brokjes en aait hem over zijn kop en rug. Hij heeft een zachte vacht en dito uitstraling. Hij komt altijd naar haar toe als ze zich verdrietig voelt. Hij vleit zicht tegen haar aan en zo blijft Wies nog een poosje voor zich uit zitten staren.

Ergens voelt ze dat ze op een belangrijk kruispunt is aangekomen waarvan ze nog niet wil weten welke afslag ze gaat nemen. Haar hart weet het al lang. Ook de rest van haar lichaam geeft bijna dagelijks signalen af. Een roep om hulp, een roep om te stoppen met deze waanzin.

Na een poosje vindt ze het genoeg. ‘Kom op, een nieuwe dag’, zegt ze tegen zichzelf, tegen beter weten in, en ze staat op en loopt het leven weer in.

Wies gaat naar boven en kleedt zich aan. Halverwege de trap hoort ze haar mobiel afgaan. Opnemen onder deze omstandigheden is geen optie en ze negeert het geluid. Snel maakt ze wat brood klaar voor tussen de middag, pakt haar werktas en loopt naar de auto. Halverwege het tuinpad draait ze zich om en kijkt naar het huis. Ze neemt alles goed in haar op. De appelboompjes in de tuin staan in bloei. Ze heeft ze meegenomen uit haar oude huis en ze doen het wonderbaarlijk goed op hun nieuwe stek. Zij wel.

De overkapping is half af er staat een hoop rommel onder die eigenlijk al lang naar de kringloop had moeten worden gebracht. Wies draait zich om en loopt door. Ze werpt een blik in haar massagekamer. Een fijne ruimte door haarzelf ingericht met mooie kleuren en leuke meubeltjes. Haar massageklanten zijn ook erg tevreden over de smaakvolle inrichting van de ruimte. Een eigen plekje, dat had ze ook nodig. Gisteren had Jop bedacht dat ook hij van deze ruimte gebruik zou willen maken, er kon nog wel een bureau bij en een kast met ordners en andere zaken. Wies was uren bezig geweest om hem ervan te overtuigen dat zijn aanwezigheid in haar ruimte een andere energie zou geven dan waar deze plek voor was bedoeld. Hij had daar weinig begrip voor op kunnen brengen. Ze moest maar eens met wat meer klanten op de proppen komen en hij had er tenslotte ook veel in geïnvesteerd. Wies had een steek in haar hart gevoeld. Ze had gedacht, gehoopt en eigenlijk ook gevoeld dat dit haar plek zou zijn, dat ze daar iets moois mocht gaan ontwikkelen. Nu leek niets minder waar. En bleek ook dit project een illusie.

Met lood in haar schoenen loopt Wies door naar haar auto, gooit haar tas erin en stapt in. Ze draait de sleutel in het contact en start de motor. Na enkele seconden bedenkt ze zich. Ze trekt met een ruk de sleutel uit het slot en blijft in gedachten achter het stuur zitten. Het gaat niet, ze kan zo niet naar haar werk afreizen. Niet naar dat werk.

Ze voelt de tranen weer opkomen en laat ze de vrije loop. De kat die ongemerkt met haar mee was gelopen, staat naast de auto en jankt met haar mee. Wies neemt een besluit, in de auto, achter het stuur, met de kat daarnaast en de appelbomen in de verte en de massageruimte in het zicht. Ze voelt een hernieuwde, andere kracht. Een overlevingskracht. Een oerkracht. Ze stapt doelbewust de auto uit en loopt terug het huis in.

Ze belt haar werk af en zet haar laptop aan. Vanaf nu is er actie. Actie voor haar en haar kinderen. Alles mag gericht zijn op verandering. Ze heeft zojuist besloten om te vertrekken, weg uit dit huis, weg uit deze pijnlijke, ingewikkelde en destructieve relatie. Het is mooi geweest. Ze klikt op de website van de eerste makelaar die op google verschijnt. Ze scrolt door naar de contactgegevens en met haar mobiel belt ze het nummer. Het blijkt een schot in de roos.

(Binnenkort verschijnt er een volgende blog van Wies).

15 gedachten over “Wies neemt een besluit”

  1. Herkenbaar. Niet mogen ontplooien wie je zelf bent. Geen hoekje voor jezelf zonder dat er rommel in wordt gegooid en klussen die half af zijn. Op naar betere tijden!!

  2. Mooi… Zo herkenbaar… die klap van die deur… Ik hoor het, nu na 21 jaar al weer alleen, nog… Voel het nog… Dank je wel! Zo blij dat hij niet meer in mijn leven is…

    1. Ja die deur, dat galmt nog wel even door. Fijn dat je weer een eigen leven hebt, daar is vast veel moed voor nodig geweest! Fijn dat het verhaal herkenbaar is voor jou.

  3. En dan opeens BOEM ben je er klaar mee. Heel herkenbaar. In een soort stroomversnelling ben je in staat om alles in gang te zetten. Een oerkracht die niet meer te stoppen is.

  4. Prachtig geschreven, hartelijk dank voor het opbrengen van moed en energie, om goede woorden te geven, prettig te lezen, afschuwelijke ontwikkelingen leesbaar te maken. Het woelt nog steeds te veel bij mij naar boven, maar ik hoop hier ook nog eens zover mee te komen.

    Al 5 1/2 jaar weg na 35 jaar terreur en natuurlijk voorafgaande geschiedenis waardoor er braakliggende grond genoeg was om het te laten gebeuren. Goddank zeer goede therapie, maar het houdt er nog regelmatig om of en hoe ik verder moet. Niets om op terug te vallen; er bestaat voor mij geen leven om “weer” op te pakken en de “oude” te worden.

    Mijn hart gaat uit, naar hen die ook zo ver zijn gekomen. Er wordt om je gegeven, er is altijd perspectief, als is het soms wel heel lang en hard bikkelen om er te komen. Geef nooit op!

    1. 35 jaar… we kunnen elkaar de hand schudden alleen ben ik nog zó hard bezig met hoe, waar, wanneer weg te komen. Zoveel gelezen, zoveel therapie gehad, zoveel, zoveel… en nog steeds kan ik niet beslissen. Ik heb iemand nodig die mij het laatste zetje mee kan helpen geven, die bij mij blijft, een therapeut wellicht die verstand heeft van deze zaken.
      Ik ben blij voor je Thebeloved!

      1. Hoi Sandra, het beste moment om te gaan bestaat niet. Bij het verdwenen zelf zijn ook therapeuten aangesloten! Het beste moment is nu! Geen kostbare tijd verliezen lijkt mij. En je kan het!

  5. Heel herkenbaar, dank je voor je ontboezeming. Het is wel het verhaal van een slachtoffer-vrouw en een dader-man, net als in het (overigens goede) filmpje van het Verdwenen Zelf. Een tussengevoegd zinnetje waarin staat dat de rollen ook omgedraaid kunnen zijn werkt niet voldoende.

    1. Hoi Elise,
      Wij zijn ons bij het Verdwenen Zelf terdege bewust van het stigma dat bestaat rond ‘de mannelijke dader’ en ‘het vrouwelijke slachtoffer’, ik besteed hierin mijn tweede boek ook aandacht aan. In de film wordt op 3 verschillende momenten door de experts genoemd dat ook het omgekeerde qua rolverdeling regelmatig voorkomt (of in andere ‘combinaties’), samengevat dat er ook zeker vrouwelijke daders zijn. Wat betreft de blogpagina nodigen we vanaf het begin mannelijke slachtoffers uit om hun verhaal te delen. Zo vertellen in mijn tweede boek ook talloze mannelijke slachtoffers hun verhaal.
      Bovenstaande ter informatie.
      hartelijke groet,
      Iris

    2. Hoi Elise, ik denk dat het niet zo heel belangrijk is wie nu precies wie is, het is vooral mijn persoonlijke verhaal.
      En daar was het zo.

  6. Vreselijk herkenbaar. Ik weet nog goed, dat hij zei, dat ik nooit zover was gekomen in mijn werk als ik geen steun van hem had gehad. Huh, gelukkig geloofde ik genoeg in mijzelf om dat niet te geloven. Maar dit en meerdere opmerkingen waren genoeg om uiteindelijk te vertrekken.

  7. Heel herkenbaar. Ben ook na 12 1/2 jaar relatie uit deze relatie gestapt. Maar we zijn nu 14 jaar uit elkaar en nog steeds is hij bezig. Dan spant hij weer een rechtszaak aan (die hij stelselmatig verliest, maar dat schijnt hem niet te deren, al zegt hij van wel en haalt hij daarna weer de meest rottige streken uit), dan stalkt hij weer of chanteert. Ik ben ook bezig met een boek. Ook uiteraard met fictieve namen, maar dit verhaal moet verteld worden en idd een soort therapie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *