Constructieve woede

Dit is een gastcolumn van Isabo

Jarenlang ben ik gebukt gegaan onder chronische angstgevoelens, na langdurig narcistische mishandeling door mijn moeder en later door ex-partners, zonder dat iemand dit aan de buitenkant aan mij zag. Mijn werkelijke gevoelens heb ik nooit mogen voelen, laat staan mogen uiten onder hun juk.

Ik wist niet beter, was al sinds ik een ukkie van drie jaar was, werd ik gebrainswasht dat niets goed was wat ik deed, dacht of voelde. Ik had geen weerbaarheid en zelfvertrouwen aangeleerd gekregen. Eerder vernietiging van wat ik probeerde te ontwikkelen als kind. Zo groeide ik op. Na mijn studie stapte ik ‘naakt’ de maatschappij in, als een schildpad zonder schild.

Ik had perfect geleerd om mijn angst te verbloemen, een poker face te maken, omdat ik geen enkel eigen gevoel mocht laten blijken en zelfs niet bang mocht zijn voor de narcist[en] in mijn leven. Zij wilde niet geconfronteerd worden met hun eigen kwaadaardige gedrag. Hierdoor durfde ik ook later in mijn leven mijn eigen gevoel niet meer bij anderen te laten zien.

Een keerpunt beleefde ik vorig jaar, toen ik in traumatherapie ontdekte dat veel van mijn angsten verkapte vormen van woede blijken te zijn. Alleen heeft deze woede zich tegen mijzelf gekeerd omdat ik nooit (terecht) boos mocht worden op het misbruik door de narcist. Ik kon niet vechten en niet vluchten. Ik bevroor met angst. Ik gijzelde mijzelf.

Daarnaast had ik geprojecteerd gekregen van de narcist dat niet zij, en later hij, maar ík de slechte was. Dat ík de dader was. Het kwam erop neer dat de narcisten in mijn leven mij als het ware verweten: “Wat doe je mij aan door te zijn wie je bent”. Ik was doodsbang voor mijzelf geworden, doodsbang voor mijn gevoelens en mijn acties. Doodsbang om in contact met anderen de dader te zijn, om iemand te bezwaren, om iemand te beschadigen (zoals de narcisten mij hadden doen geloven).

Totdat iemand tegen mij zei: “Jij bent je eigen schade. Jij beschadigt alleen jezelf”

Gelukkig ontdekte ik dat mijn echte –ik, die heel diep verstopt lag onder dikke giftige lagen, veel meer pit en lef heeft dan het bange vogeltje dat narcisten van mij wilden maken. Deze gezonde kant van mij heb ik in assertief gedrag gelukkig verder ontwikkeld door de jaren heen. Alleen van binnen groeiden tegelijkertijd ook de gevoelens van onderdanigheid en minderwaardigheid door, want eigenlijk mocht ik zo niet zijn. Hoe meer ik in gedrag mijzelf liet zien, des te meer werd ik van binnen steeds meer vermorzeld door het dader imiterende deel, zoals Iris dit zo duidelijk beschrijft in haar tweede boek (hoofdstuk 3). Hierdoor kwam ik sterk en zelfverzekerd over aan de buitenkant, maar kon dit van binnen niet voelen. De strijd tussen deze twee kanten zorgde bij mij voor een grote innerlijke blokkade.

Toen ik probeerde mijn gevoelens van boosheid terug te vinden, liep ik tegen een muur van taboe en verbod aan. In de maatschappij is woede een taboe: “Wees voorzichtig met woede” en “Gij zult een ander niet schaden”. Nee, maar er wordt wel dagelijks door anderen op jouw tenen gestaan. En dan bedoel ik nog niet eens de schade die narcisten om zich heen aanrichten. Die woede te pas en te onpas uiten zonder enig besef van de ander.

Hoewel ik mijn gevoelens van boosheid zó nodig had om te helen en om uit die emotionele gijzeling en giftige conditioneringen te komen, las of hoorde ik bijna nergens hierover wat terug in de traumaliteratuur of in therapie.

Ik verdwaalde opnieuw in mijn eigen doolhof. Ik kon nergens heen met mijn gevoelens van boosheid en ik bleef daardoor vastzitten in mijn emotionele gevangenis van angst. Terwijl ik wist dat ik, als ik hier niets mee deed, de verbinding met mijzelf, mijn werkelijke gevoelens, voorgoed kwijt zou raken.

Er wordt ongelooflijk voorzichtig gedaan over boosheid in therapieland. Natuurlijk snap ik dat therapeuten en schrijvers van traumaboeken voorzichtig zijn om mensen tegen zichzelf en anderen in bescherming te nemen: getraumatiseerden hebben er niets aan als ze hun getriggerd zijn op hun eigen geliefden gaan botvieren (ook wel acting out genoemd). Of om zelf dader te worden en met een ander af te rekenen.

Maar bovenstaande voorbeelden is niet wat ik bedoel met helpende boosheid of constructieve woede. Wat ik bedoel is om gezonde boosheid in je leven toe te durven laten en deze gevoelens ongecensureerd te voelen. Zo kun je deze gevoelens omzetten in assertiviteit in plaats van agressiviteit. Constructief omgaan met je woede om je leven te helen in plaats van destructief je eigen leven te vernietigen zoals de narcist dat probeerde. Door de kracht van boosheid kun je opnieuw leren om je weerbaar te voelen. Als je je als slachtoffer  jarenlang  minderwaardig hebt gevoeld, niet alleen naar de narcist maar ook naar (hedendaagse) anderen, dan zorgt het gevoel van boosheid voor het herstellen van de machtsbalans voor jezelf zodat je je weer evenwaardig met anderen kunt verhouden.

Tijdens één van de workshops van Verdwenen Zelf merkte ik dat een aantal lotgenoten murw zijn gemaakt in hun boosheid. Bij het “assertief met de vuist op tafel slaan” waren zij bang dat zij dan “net zo zouden zijn als de narcist”. En dit is niet waar!

Ja, boosheid voelen richting de dader is van wezenlijk belang voor traumaverwerking .

Maar ook nu, in het heden, merk ik dat ik moet leren om weerbaar te zijn wil ik mee kunnen blijven draaien in deze maatschappij. Ik moet opkomen voor mijzelf maar ook voor mijn extra kwetsbaarheid vanuit het verleden.

In mijn hedendaagse leven lopen verschillende mensen rond waar ik als slachtoffers dagelijks mee te maken heb, en die ook schadelijk gedrag vertonen of giftig kunnen zijn. Dat zijn niet per definitie allemaal narcisten. Het kunnen mensen zijn die zelf beschadigd zijn in hun leven en die niet in therapie gaan maar wel hun frustraties botvieren op hun medemens. En dan heb je nog de onbehandelde narcisten die wij in ons leven kunnen blijven tegenkomen.

Waarom leren slachtoffers van narcisme in therapie zo weinig de assertieve vaardigheden die zij zo nodig hebben en die horen bij het echte leven? “Omdat je als therapeut het ideaalplaatje leert overbrengen “, zei mijn therapeut goudeerlijk.

De narcisten in mijn leven wilde van mij een weerloos pleasend meisje maken en nu leerde ik in therapie ook nog hoe ik voorbeeldig gedrag zou moeten vertonen. Dat hielp mij niet verder want ondertussen voelden mensen haarfijn de ruimte aan om over mij heen te blijven lopen met mijn aangeleerde braafheid en bescheidenheid.

Mijn therapeut zei vervolgens zelfs dat ze als ze met het verkeerde been uit bed is gestapt, soms wat lullig en chagrijnig kan uitvallen naar collega’s. Nee, die gaat ze dan niet opbellen om excuses aan te bieden. Ze probeert er de volgende keer wat meer op te letten Nou, ik was vroeger zo’n idioot die desnoods nog aan je deur zou komen om op mijn knieën excuses te maken. Maar dat is niet de persoon die ik werkelijk ben.

De coach van het verdwenen zelf waar ik naar toe was gegaan én mijn huidige therapeut, leerden mij gelukkig dat ik die woede van binnen mag voelen, evenals de boze gedachten die daarmee gepaard gaan. Dat dit menselijk is en het geeft je de kracht die je als slachtoffer van narcistisch misbruik heel erg nodig hebt om jezelf, je assertiviteit en je grenzen terug te vinden…

Voor mij zijn daarom onderstaande ontdekkingen uit mijn dagelijks leven een verademing geweest om te onthouden als ik weer in oud gedrag schiet. Ik wil ze graag met jullie delen in de hoop dat ook jullie er misschien wat aan hebben!

Want in de realiteit…

Staan mensen dagelijks bedoeld of onbedoeld op elkaars tenen. Slachtoffers van misbruik mogen dat ook. Het maakt ons mens. Sterker zelfs: Veel slachtoffers hebben een gevaarlijke achterstand in assertiviteit. Ik zag anderen  wel gewoon te pas en te onpas boos of geërgerd  worden op elkaar. Dus weg met die valse bescheidenheid en braafheid!

Bijna iedereen heeft triggers. Er zijn heel veel mensen, bijna alle mensen, die triggers vanuit iets uit hun verleden, bewust of onbewust,  in huidige boosheid meenemen. Daar zitten ook mensen tussen die nooit in therapie gaan, laat staan dat ze zich er zo van bewust zijn als wij. Met die mensen hebben wij ook te maken in de buitenwereld en daar moeten wij ook maar mee dealen. Het is onmogelijk om nooit een trigger te projecteren. Dat is menselijk.

Ruziemaken (indien nodig) is heel gezond. Zo is het advies voor een goede relatie.  En dat geldt ook in het werk: de relatie met collega’s die ik heb moeten aanspreken, verbeterde daarna alleen maar positief.

Soms (of regelmatig) kómt het ook dóór die ander dat je boos wordt. Weg met de schuld allemaal bij jezelf moeten zoeken. Al dat soort artikelen die daarmee strooien zijn misschien wel geschreven door narcisten  die roepen: “Waar twee kijven, zijn er twee schuldig. Kijk altijd naar je eigen aandeel”.

Soms is het bij een assertieve opstelling onvermijdelijk om de ander te benadelen. Niet iedere benadeling is een vorm van schade. Voor jezelf opkomen kan eventueel iemand anders belang schaden, dat hoort nu eenmaal bij het leven. Mensen doen elkaar pijn, ook tegen hun wil. Het is onvermijdelijk als je met elkaar leeft.  Accepteren dat anderen soms pijn aan je lijden is belangrijk, anders kun je geen stap meer zetten. En ook jijzelf krijgt stellig je portie te verwerken !

Anderen zijn niet van suiker. En ik ook niet! In de volwassen wereld kun je je eigen gevoel dragen. De Narcist denkt het alleenrecht te hebben op boosheid, maar ze zijn van suiker als ze boosheid moeten ontvangen. Dat is geen wederkerigheid.

Isabo

32 gedachten over “Constructieve woede”

  1. Drie weken geleden belde ik met een spiritueel therapeut voor meer informatie in de hoop mijn pijn te kunnen helen voor wat betreft ernstige narcistische mishandeling. Haar eerste reactie was dat ik op een dag blij zou zijn dat ik dit meegemaakt had, en de narcist heel dankbaar zou zijn want nu kon ik tenminste mijn pijn gaan helen. Ben 2 dagen beroerd geweest van die opmerking. Er was geen enkel begrip .Jullie begrijpen vast wel dat ik niet bij deze mevrouw in therapie ga.

  2. Goh wat fijn om te lezen! Ik merk dat ik hier veel mee worstel. Van andere slachtoffers hoor ik vaak dat je je energie niet mag steken in woede. Kom niet voor jezelf op als je daar niets mee bereikt. Ik merk dat ik daar zelf steeds meer in mee ga.
    Maar als het om mijn dochter gaat kan ik dat niet. Zojuist heb ik het kinderdagverblijf geschreven dat ik het jammer vind dat ze denken dat mijn dochtertje van drie expres niet antwoord (terwijl ze dissocieert) en dat ze denken dat ik mijn trauma op haar projecteer. Ik spoor ze aan mijn dochter te zien voor wie ze is. Niet boos, maar ik leg de situatie wel uit. Nu ben ik helaas al de hele dag bang om gestraft te worden. Omdat ik mijn eigen grens en de grens van mijn dochter aangeef. En mijn mede slachtoffers noemen het verspilde moeite.
    Ik wil dit niet, ik wil niet doen alsof er niks gebeurd is, alsof trauma niet bestaat, alsof we altijd vrolijk zijn. Eindeloos incasseren is voor mij uitputtender dan af en toe te zeggen: hou rekening met mij, met ons.
    Dit lezen heeft me dan ook erg gesteund in die emoties. Dankjewel.

  3. dankjewel Isabo, voor je verhaal. Net als de boeken van Iris, (h)eerlijk verhelderend. Bittere noodzaak na een lange periode van mist in mijn leven.

  4. Eindelijk
    Sinds 5 jaar ben ik gescheiden en woon ik alleen met drie opgroeiende tieners. Dat het een grote klus is om drie kinderen van een narcistische vader op te voeden hoef ik hier niet uit te te leggen. Continue balanceren tussen de gezonde belangen van de kinderen en de ziekmakende eisen en verwachten van hun vader is zwaar. Teleurstellingen zijn hier bijna aan de orde van de dag.
    Sinds enkele weken woon ik in mijn eigen huisje met de kinderen. En opnieuw moet ik keihard grenzen stellen aan hun vader die opnieuw probeert te infiltreren in ons leven en nieuwe situatie. Terwijl ik hem duidelijk aan de voordeur tegen houd om binnen te komen om de kinderen op te halen, loopt hij via de achterdeur naar binnen en neemt plaats op de bank. Steeds weer vechten en strijden voor mijn grenzen.
    Sinds kort voel ik eindelijk echt boosheid. Ik kon daar zoveel jaren niet bij. Maar nu ben ik zo boos! Over hoe ik word genegeerd, mijn grenzen totaal niet worden gerespecteerd en ik moet vechten voor elk stukje ruimte. Terwijl hij door blijft gaan en op elke plek ruimte wil pakken. Hoe hij de kinderen bespeelt en zelfs mijn familie. Hij is niet te stoppen en pakt elke kans.
    Ik ben nu eindelijk boos. En grijp de kans met beide handen aan. Voor mij voelt het als gezond. Zo gezond om heel erg boos te zijn. Boos op alles wat verziekt is geworden door hem. En terwijl ik jaren heb gewacht op deze nieuwe kans en nieuwe start in een nieuw huis in een ander woonplaats, is hij er al weer voordat ik er erg in had. Ik was zo goed voor bereid, had regels en verboden klaar liggen. En hij overtreedt ze met verve.
    Ik weet heel goed hoe je om moet gaan met een narcist. En ik weet dat hij macht over mijn nieuwe huisje en leven wil hebben. En nog steeds over mij. Ik weet dat hij mij nooit met rust zal laten. Ik wil hem weren uit mijn leven, maar sta hem wel toe in het leven van mijn kinderen. Omdat hij hun vader is en ik wil dat ze hem leren kennen zoals hij is. Ik vermoed dat hij dat oppakt als compliment, als waardering, als positief. Terwijl ik wil dat de kinderen zien hoe destructief hij is. Dat ervaren ze ook. Ze leren er mee omgaan en hun eigen keuzes te maken in het contact met hem. De oudste twee kinderen hebben weinig contact met hem en zijn erg sturend in het contact. Zij bepalen en bewaken hun grenzen ter voorkoming van teleurstelling en afwijzing. Dan doen ze heel goed. De jongste is nog te jong daarvoor maar ziet al wel veel en benoemt dat ook.
    Het maakt me zo boos dat ik voor mijn gevoel opnieuw alle grenzen moet bepalen en bewaken, veroveren en bevechten. Ik wil dat niet. Maar moet wel anders bepaalt hij, ook in mijn nieuwe huis.
    Daarom voelt het goed om boosheid te voelen. Eindelijk. Het helpt om me sterk te maken, kracht te geven, scherp te zijn en geeft me energie voor de strijd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *